Platen

Afgelopen zaterdag was ik met Fratsen op pad voor Record Store Day. Record Store Day is Engels voor Platenzaakdag. Maar omdat het een internationaal ding is heet de Platenzaakdag dus Record Store Day. Dat u dat weet. Ik vind dat aan de ene kant jammer. Platenzaakdag. Dat bekt zoveel lekkerder. Of wat dacht u van Schalplattenladentag. Je zou er voor verhuizen naar Duitsland. Is toch pure poëzie.
Het is wel een bijzonder symphatiek evenement. Over onze hele aardbol spelen bands min of meer akoestisch in een platenzaak om de kleine middenstander een hart onder de riem te steken. Ik weet. Het is een druppel op een gloeiende plaat. Maar ik had in ieder geval even geen tijd om me aan te sluiten bij een groepering die vooral genoegen schept in het kapotmaken van dingen. Want dat is toch ook een eigenaardig dingetje van onze tijd. Dat er zoveel groepen bestaan die alleen maar dingen kapot willen maken. Gekken die antieke steden met de grond gelijk maken omdat de schoonheid van die steden ze tot op het bot beledigd. Mannetjes die het leven van honderdduizenden in de war schoppen omdat ze de bezuinigingen op moeten vangen voor het verlies dat er is geleden doordat er mannetjes waren die het leven van honderdduizenden in de war schopten. Geroyeerde advocaten die zich op de troon laat hijsen om zo over de rug van het laatste restje fatsoen in onze democratie het gelijk willen halen door het alleen maar te kopen. Ik hoorde dat een Prins Carnaval in de wat grotere steden minstens 40.000 euro kwijt is voor dat baantje. Dat u weet waarom daar zo weinig bouwvakkers tussen zitten. En nu we Bram Moszkowicz naar voren schuiven als de zoveelste nieuwe leider van dit land is het officiëel: ‘ We verliezen dit op alle fronten.’ Want als iets onze politieke leiders nog gaande houdt is het rancune. En rancune. Dat is Nederlands voor kapotmaken. Ik ben muzikant. Ik maak muziek. En ik dank mijn gitaar op de blote knietjes dat er geen gek in staat is om dat kapot te maken. Dat is het mooie aan muziek. Dat hangt in de lucht. En dat blijft daar hangen. Daar kan elke willekeurige gek een bom op gooien maar dat zal alleen maar meer muziek op gaan leveren. Mijn opa Louis timmerde decennia lang nestkastjes. Allemaal groen. En allemaal genummerd. Ik vond dat geweldig. Dat was voor mijn opa zijn sociale woningbouw. En ik had een liedje.