Winnen

Meneertje Manuel is genomineerd voor de Poelifinario. En nee, die nominatie heb ik niet te danken aan een aantal uitmuntende grasparkieten. De Poelifinario is de prijs voor de beste cabaret-voorstelling van het afgelopen seizoen. Er waren 5 genomineerden, 3 mannelijke solisten en 2 vrouwelijke duo’s. En ik zeg ‘waren’ omdat 2 van de 3 mannen zich al teruggetrokken hebben. Uit angst. Voor de vrouwen. Ik ken die angst niet. Ik ben gek op vrouwen. Ze werken hard. Ze ruiken lekker. En ze zullen nooit een prijs weigeren. Want een prijs weigeren is stom. Ik voel me heel erg solidair met de vrouwen. Dus heb ik de nominatie van harte aanvaard. En als straks in september de Poelifinario uitgereikt word, dan hoop ik ook dat er alleen maar vrouwen aanwezig zijn. Laat al die mannen die overal en altijd lopen te zeiken lekker thuis blijven met de kinderen. Ik neem de honeurs gaarne waar. Als ik met 600 vrouwen in een zaal zit, dan hoef ik die prijs niet eens meer te winnen. Dan ben ik al lang Nederlands Kampioen Cabaret. Ik sprak een meneer van de NRC die me vroeg wat ik er nou van vond? Waarvan? Dat 2 van mijn collega’s de Poelifinario weigerden? Hebben ze die dan allebei gewonnen? Vroeg ik. Nee dat niet. Maar ze zeggen dit alvast voor de zekerheid. Ik zei dat ik dat snapte. Maar er verder niet zo heel veel van begreep. Ik ben nu eenmaal een domme boer. En wat die collega’s op 1 avond verdienen in het theater, verdien ik in 10 dagen in een café. Oh. Zei hij. Waar speel je dan zoal? Op Oerol. Op Oerol? Waar dan? In Café de Vijfpoort. Echt waar! Ik was op Oerol en ik wist helemaal niet dat u daar op trad! En toen ik nog 1 keer. Dat is dus exact waar het hier om gaat, koekebakker. De meneer van de NRC begreep hier weer helemaal geen kloten van en dus hing ik op. Het cabaret, dames en heren. Ik ken mijn plek in dit land. Ik ben de bouwvakker. Ik moet meters maken. Ik weet dat ik nooit een lintje ga krijgen en dat maakt me al zeer verdrietig. En nu ik dan eindelijk tot de Absolute Koning van het Cabaret had kunnen worden gekroond, gooien een paar heel intelligente, zeer getalenteerde, alleen maar in zichzelf geïnteresseerde komieken roet in het eten. Ze kunnen mijn rug op. Ik ga in september feest vieren met mijn vrouwen. En daar zullen alleen maar winnaars zijn.

Oerol

Er staat me weer een hele vervelende periode te wachten. Ik moet 10 dagen werken op Terschelling. En dan niet zomaar werken. Nee. Meneertje Manuel moet elke dag van half 3 tot 4 een optreden verzorgen in Café de Vijfpoort. Daarna krijg ik warm eten. Een koud biertje. Ik kom de hele week allemaal oude vrienden tegen. En daar moet dan ook weer op gedronken worden. Ik kan dus pas om 3 uur ’s nachts naar bed. En dan moet ik er om kwart over 12 ’s middags al weer uit. Wat heb ik toch een verschrikkelijk leven. Ik kom weleens beginnende artiesten tegen die me om advies vragen. Nou. Dat advies kan ik ze geven: “Begin er niet aan! Het is om te beginnen een enorme aanslag op de gezondheid. Ik denk ook dat het daarom is dat de meeste terroristen mij en mijn grote mond volslagen negeren. Ik kan de aanslag op mijn leven heel goed zelf plegen. Verder ben je zowat de hele dag alleen maar aan het lanterfanten. Daar hebben alle artiesten last van. We hebben het idee dat het iedere dag alleen maar draait om dat anderhalve uur. We zingen alleen nog maar dat we leven. Je kan ook nooit meer normaal naar een optreden van iemand anders kijken. De magie is er vanaf op het moment dat je ziet dat ze dezelfde trucs gebruiken als alle andere artiesten. En dan iedere keer dat gejuich, dat gelach, dat ovationele slotapplaus. Je wordt daar als uitvoerend kunstenaar op een bepaald moment alleen nog maar bloedchagrijnig van. “ En dan maar hopen dat zo’n beginnend artiest er niet aan gaat beginnen. Er zijn namelijk al veel te veel artiesten. En daarvan worden de meesten voornamelijk uitgemolken. Ik las dat onze Eerste Kamerleden gezamenlijk 462 actieve bijbanen bestieren. Dat u weet waar de boeren zittten. Meneertje Manuel zit in 2 muziekgroepjes. Ik bedoel maar. Het vak van artiest is een enorme tragedie. Zeker. Je wint een paar prijzen. Vrienden voor het leven. Het opperste geluk van een mooi liedje En nog een paar van die dingen. De vrouw van je dromen. En daar ook nog een dochter mee. Maar ken uw artiesten. Het is nooit genoeg. Een jongen bij mij in de klas noemde dat ooit Rob Druppers op een Gloeiende Plaat. Ik moest daar destijds heel hard om lachen. Nu weet ik. Artiesten zijn verknipt. En dat willen we graag zo houden.

Geld

Dat was een drukke Pinksteren voor Meneertje Manuel. Allereerst was daar het Internationaal Folkloristisch Festival in mijn dorp. Volksdansen! Ik ben zelf ooit lid geweest van de Stedeker Krummels dus ja, dan moet je wel even de klompen weer uit het vet halen om nog eenmaal een hele wilde Driekusman te dansen. Er stonden groepen uit Polen, India, Nederland, Kroatië en Turkije op het programma, maar die van Turkije die konden het podium niet vinden omdat ze waarschijnlijk nog een TomTom gebruikten uit de tijd van Attatürk. Ik vond het een mooi feestje, vooral ook omdat de internationale verbroedering in Twente voornamelijk bestaat uit heel erg regionaal bierdrinken. En het mooie is, na 20 bekers bier is zelfs een Indiër in staat om vloeiend Twents te praten. Tenminste. Dat vond ik. De Tweede Pinksterdag was ik te gast tijdens een boekpresentatie van Albertjan Peters. Albertjan Peters schreef 10 jaar columns in deze krant en ja, als je dan als broekie van 49 een uitnodiging krijgt om deze presentatie op te luisteren, dan kun je geen nee zeggen. Ik zeg bijna nooit nee. Of het moet zijn: “ Nee, dat kan ik niet weigeren. “ Op een bepaald moment ging het in de discussie over de waarheid in een column. En zowat alle aanwezigen waren het er over eens dat er in een column niet gelogen mag worden. Daar heb ik na afloop nog heerlijk over gepraat met 6 meisjes van een Braziliaans volleybalteam met wie ik uiteindelijk om 3 uur ’s nachts uit ‘t Bölke ben komen rollen. Er voordat er lezers zijn die me maar een onverantwoordelijke losbol vinden, mijn vrouw en ik hebben een heel open huwelijk. We hebben zelfs zo’n open huwelijk dat we nooit zijn getrouwd. Verder heb ik de afgelopen dagen muziek gemaakt met mijn vrienden en ben ik 1 van de acteurs die mee helpt tijdens de opening van het nieuwe stadhuis in Almelo. Er is vanuit de bevolking in Almelo veel kritiek geweest op dit nieuwe stadhuis en ja, 58 miljoen euro is een ontzettende bult geld. Als je echter hoort dat alleen al de verbouwing van 1 van de vele vastgoedondernemingen van onze huidige koning daar nog eens met 2 miljoen euro over heen gaat, dan denk ik dat Almelo zich de handjes dicht mag knijpen. En over tien jaar is het stadhuis weer overbodig, komt Hennie van der Most langs en zitten daar 18.000 azielzoekers achter het glas. Tel uit je winst.

Zingen

Het songfestival. Allereerst dit. Ik zou niet op vrijdagen in die jurk van Trijntje in mijn dorp op de stoep gaan staan. Dan komt de vuilnis langs. Verder is het volkomen terecht dat Finland niet naar de finale is. Het is altijd leuk om een paar geestelijk gehandicapten af te vaardigen, dat doet zowat ieder land, zorg er echter wel voor dat de zanger een beetje kan zingen. Of een jurk en een baard draagt. Voor de rest laat ik het songfestival liggen zoals ik mijn leuter draag: links. Ik wil het graag gaan hebben over een woord dat zowat trending topic was op Twitter de afgelopen week, de Dobberneger. De Dobberneger is de benaming voor de vluchtelingen die de afgelopen maanden voor een kapitaal hun leven waagden om het geweld in hun regio te ontvluchten om vervolgens ergens op weg naar Europa te verzuipen. Ik vind Dobberneger dan ook op het racistische af. En dan niet om de neger in Dobberneger. Het gaat me om de Dobber. Want ze dobberen niet. Ze verzuipen. Het grappige is dat een heleboel Nederlanders dat best wel weten. Daarom worden ze ook geen Verzuipnegers genoemd. Met het eufemistische Dobberneger doen we net alsof al die arme sloebers nog een kans hebben. Dat hebben ze niet. Zelfs als ze het redden om in 1 of andere veilige Europese haven te geraken dan zullen ze nog voor de rest van hun leven hooguit tot het vak van Scharrelneger geraken. En ik weet ook wel dat niet iedereen hier terecht kan. Maar we kunnen toch ruilen? Dat we zeggen dat er een paar van hun in mogen en dat er dan een paar van ons die kant op moeten. Daar zou de EO een prachtige Spelshow van kunnen maken. De Andere Wang. En waarom kunnen wij voor een kleine 199 euro via Easyjet de halve wereld overvliegen en betalen de mensen daar een godsvermogen om met een lekke boot de overtocht naar het paradijs te maken? Als die mensen de kans wordt gegeven om voor 75 euro van Damascus naar Amsterdam te vliegen dan zou het zo maar kunnen zijn dat ze in plaats van te vluchten gewoon een paar keer per jaar een Stedentrip boeken. Even een kijkje nemen in het land waar ze vluchtelingen Dobbernegers noemen en dan na 5 dagen weer terug naar de oorlog in eigen land om in ieder geval, al is het voor de vorm, de beschaving hoog te houden.

100%

Can I get there by Candlelight. Kent u dat nummer? Het werd altijd gedraaid aan het begin van Jan van Veen’s Candlelight. Dat had vast met de titel van dat liedje te maken. Ik dacht eerlijk gezegd dat Jan van Veen al in de jaren 80 was overleden. Dat hij onder 1 van zijn gedichten was gekomen. Maar de brave borst is nog steeds op de radio. En op niet zo maar een zender: 100 % NL! Dat het mogelijk is om een succesvol commerciëel radiostation uit de grond te stampen door deze 100 % NL te noemen zegt al net zo veel over dit land als de lawine aan berichten van de afgelopen week over een zanger die een verkeersregelaar het gebit door midden heeft geslagen. Dat vinden de mensen leuk.
Ik vind het een prachtig liedje, dat Can I get there by Candlelight. En de zanger steeg enorm in aanzien toen ik er achter kwam dat hij ook nog eens de componist was van The Days of Early Spencer. Twee van dergelijke tijdloze liedjes, hij had er geridderd voor moeten worden. Is niet gebeurd. En ja, zo weet ik ook al een aantal jaren dat ik, ook al ben ik een enorm hardwerkend artiest, nooit zal worden onderscheiden met een lintje. En terecht. Dat treurige ‘Fuck de Koning!’ is zowat een lofzang op de monarchie als je dat vergelijkt met de taal die ik zowat wekelijks bezig op onze vaderlandse podia. Ik ben ongeveer net zo koningsgezind als een lilliputter lang is. Wat ik echter zo langzamerhand niet meer begrijp is de volkswoede die een mens over zich heen krijgt als hij zich publiekelijk bekend maakt als de eigenaar van een dwarse mening. We leven in een land waar een man, die hartstochtelijk in de war was, na het gooien van een waxinelichthouder richting de Gouden Koets zowat een jaar in de gevangenis heeft gezeten. Die is dus zwaarder gestraft dan de man die met zijn zatte kop een 15-jarig meisje dood reed. Klink ik als een reactionair? Dat moet dan maar. Ik ben nu officiëel onderdaan van de Persgroep en ben nu in het bezit van een paar Belgen die hun krant verkopen als 100 % NL. Volgende week kunt u dus een verhaal verwachten over De Jurk van Trijntje Oosterhuis. Want dat misverstand mag ook weleens uit de wereld worden geholpen. Alle inhoud voor de vorm.

EU

Europa, wat is het toch een schitterend ongeluk. Zo viel er deze week een brief op de deurmat. Ik had te hard gereden in Duitsland. Maar liefst 10 kilometer. Ik moest wel even lachen toen ik het bedrag van de boete zag. 10 euro! Dat is dus een euro per kilometer. En daar kreeg ik dan ook nog eens een keurige brief bij met zelfs een foto waarop ik duidelijk aanwezig ben en met een enorm relaxed hoofd achter het stuur zit. Ik ben nu echt van plan om ze een paar euro fooi te geven. En misschien ga ik wel gewoon verhuizen naar dat land. Ik hoef daar maar 3 keer te tanken en dan betaal ik een jaar lang fluitend alle boetes. Ik denk zelfs dat mijn humor daar enorm aan zou gaan slaan. Een soort van Hitler maar dan wel om te lachen. En dat accent? Ik geloof niet dat mijn accent in Duitlsland een rol zal spelen. Een accent is alleen een nadeel als er landgenoten zijn die vinden dat zij het wel beschaafd spreken. Ik was afgelopen Koningsdag te gast in Nijmegen, Oranjepap. Ik werd in een Tipi geïnterviewd door een jongeman van Zuivere Koffie, waarschijnlijk een ideetje van de p.r. afdeling van Douwe Egberts. Het ging over boeken. En ik lees niet zo veel boeken meer. Ik kijk en luister. Naar films. Naar televisieseries. Naar muziek. Maar er is 1 boek waar ik de afgelopen maand wel in gelezen heb, ‘Dit Kan Niet Waar Zijn’ van Joris Luyendijk. En daar ging het interview over. En ik hoor mezelf praten over slechterikken die niet eens meer in de gaten hebben dat ze de levens van een heleboel anderen totaal in de vernieling hebben geholpen en echt, het enige dat me op dat moment door het hoofd schiet is de constatering: “ Ik heb echt een enorm vet accent…” Ik heb mezelf nooit echt zo willen zien maar ik kan er gewoon niet meer om heen, ik ben de Boer Koekoek van het Nederlandse cabaret. En daar heb ik vree mee. Op de allereerste cd die we hebben opgenomen klonk ik alsof ik was geboren in het Gooi. Toen wou ik nog iets. Op zowat alle latere cd’s ben ik voor de meeste Nederlanders volstrekt onverstaanbaar. Want toen wist ik wat ik wou. Mijn volgende cd neem ik op in Duitsland. Zingend achter het stuur van mijn auto. Zahln Zahln Auf Die Autobahn.

Platen

Afgelopen zaterdag was ik met Fratsen op pad voor Record Store Day. Record Store Day is Engels voor Platenzaakdag. Maar omdat het een internationaal ding is heet de Platenzaakdag dus Record Store Day. Dat u dat weet. Ik vind dat aan de ene kant jammer. Platenzaakdag. Dat bekt zoveel lekkerder. Of wat dacht u van Schalplattenladentag. Je zou er voor verhuizen naar Duitsland. Is toch pure poëzie.
Het is wel een bijzonder symphatiek evenement. Over onze hele aardbol spelen bands min of meer akoestisch in een platenzaak om de kleine middenstander een hart onder de riem te steken. Ik weet. Het is een druppel op een gloeiende plaat. Maar ik had in ieder geval even geen tijd om me aan te sluiten bij een groepering die vooral genoegen schept in het kapotmaken van dingen. Want dat is toch ook een eigenaardig dingetje van onze tijd. Dat er zoveel groepen bestaan die alleen maar dingen kapot willen maken. Gekken die antieke steden met de grond gelijk maken omdat de schoonheid van die steden ze tot op het bot beledigd. Mannetjes die het leven van honderdduizenden in de war schoppen omdat ze de bezuinigingen op moeten vangen voor het verlies dat er is geleden doordat er mannetjes waren die het leven van honderdduizenden in de war schopten. Geroyeerde advocaten die zich op de troon laat hijsen om zo over de rug van het laatste restje fatsoen in onze democratie het gelijk willen halen door het alleen maar te kopen. Ik hoorde dat een Prins Carnaval in de wat grotere steden minstens 40.000 euro kwijt is voor dat baantje. Dat u weet waarom daar zo weinig bouwvakkers tussen zitten. En nu we Bram Moszkowicz naar voren schuiven als de zoveelste nieuwe leider van dit land is het officiëel: ‘ We verliezen dit op alle fronten.’ Want als iets onze politieke leiders nog gaande houdt is het rancune. En rancune. Dat is Nederlands voor kapotmaken. Ik ben muzikant. Ik maak muziek. En ik dank mijn gitaar op de blote knietjes dat er geen gek in staat is om dat kapot te maken. Dat is het mooie aan muziek. Dat hangt in de lucht. En dat blijft daar hangen. Daar kan elke willekeurige gek een bom op gooien maar dat zal alleen maar meer muziek op gaan leveren. Mijn opa Louis timmerde decennia lang nestkastjes. Allemaal groen. En allemaal genummerd. Ik vond dat geweldig. Dat was voor mijn opa zijn sociale woningbouw. En ik had een liedje.

Crisis

Nu F.C. Twente aan de rand van de financiële afgrond staat word er eindelijk keihard ingegrepen. Hoe? Ze hebben de koffiejuffrouw ontslagen. Nu weet ik niet voor welk bedrag deze koffiejuffrouw jaarlijks op de begroting staat maar dat moet echt in de tonnen lopen. Anders is dit een bezuinigingsmaatregel enkel en alleen voor de bühne en blijven de daadwerkelijke patjepeeërs zitten waar ze zitten. Er stort een mannenbolwerk ineen en wie gaat de rekening betalen? De vrouwen. Het lijkt wel een bank. Sterker nog. Het is een bank. Een investeringsmaatschappij. Er gaat nu een gerucht dat Dik Wessels de club gaat redden. Dat heeft Dik Wessels al eerder gedaan. En toen gingen ze failliet. Het is net als de Europese Centrale Bank die de crisis die werd veroorzaakt door de banken op dit moment probeert op te lossen door 1300 miljard euro te verdelen onder de banken. Masturberen voor gevorderden. Ik zal overigens mijn jaarkaart verlengen. Ik ben dan ook geen belanghebbende. Ik ben een supporter. Het is de ziekte van de moderne tijd. We worden omringd door mannen die met 800.000 euro per jaar maar matig tevreden zijn en alle anderen staan met het washandje uit hun jeugd met behoud van uitkering de kont van hun moeder te wassen. In zijn voorlopig laatste interview vertelde Günter Grass dat hij het idee had dat we slaapwandelend de Derde Wereldoorlog ingerommeld worden. Grass is een Duitser. Dus dat idee van hem neem ik serieus. Die hele Derde Wereldoorlog is tenslotte een Duits idee. En als er niet snel wat gebeurt dan vrees ik dat hij nog gelijk krijgt ook. En dat zou funest zijn voor het theater. Dus hierbij een oproep aan de spelersgroep. En ja, dat heet zo. Spelersgroep. Spelersgroep! Ga met de pet rond en zorg dat er tussen Kufo en Boschker eenzelfde bronzen standbeeld komt te staan van Karen Kleinenberg. Maar dan twee keer zo groot. Als het aan mij ligt krijgt Vak P de opdracht. En daar mag best tijdens het brainstormen een beetje drugs bij gebruikt worden. Als ze maar komen met een standbeeld als een dikke middelvinger. Een drie meter hoog standbeeld voor Karen Kleinenberg. Waarvan het buurmeisje al wist: Dat word een hele grote. Als we dan ook nog een standbeeld kunnen onthullen van Joop Munsterman in een oranje overall met in zijn handen een bord met: ‘Passion before Fashion.’ Dan is de club gered.

Dré

Er is een film uit die gaat over het leven en de dood van André Hazes. Een geheid succes. Want daar mogen de Nederlanders graag naar kijken. Een zingende landgenoot die zich dood zuipt. Ik heb de film nog niet gezien. Ik wou eerst de column schrijven. Leek me wel zo eerlijk. Hazes is een icoon van de volksmuziek. Niet als Tante Leen en Willie Alberti. Dan waren de iconen van onze opa’s en oma’s. Hazes is de zuipschuit van onze generatie. Ik bedoel natuurlijk het vlaggenschip. Zijn afscheid in de Amsterdam Arena is nog steeds met afstand het meest opwindende dat daar ooit in die graftombe heeft plaatsgevonden. Ik denk dat nog steeds driewart van het Ajax-publiek dat vlak voor de wedstrijd begint het stadion binnenkomt verzucht: ‘ Jammer dat ze de kist hebben weggehaald. Daar hadden ze toch om heen kunnen voetballen…’ Hazes werd nogal eens weggezet als een Tokkie. Hazes was geen Tokkie. Dat waren de Tokkies. En dat die asociale familie in het woordenboek terecht is gekomen als Merknaam, daar had Hazes niks mee te maken. Hazes was een zanger. Een volkszanger. En hoe gaat dat met volkszangers. Die zetten miljoenen om. En krijgen daar zelf maar net iets van mee. En zetten het dan op een zuipen. Al het gelul de afgelopen week over het respect waarmee Hazes is neergezet. Dat is voor alle vrienden van Dré alleen maar nog een keer raak in de portemonnee. Natuurlijk had Hazes ook zelf schuld. Hij dronk Heineken. En dan ook nog eens uit blik. Iedereen weet: ‘ Niet te zuipen.’ Dus drink je er altijd te veel van. Want zo gaat dat als je gaat voor de liederlijke dronkenschap. Dan maakt het niet meer uit wat je drinkt. Hazes had dus geen smaak. Maar wel een fantastisch talent. Een 9 darter zingen in ons hart. En dan ook nog eens levend op de televisie. Ik vind hem een geweldige tekstschrijver. In een discotheek. Zat ik van de week. Er zijn wereldberoemde schrijvers die hetzelfde proberen te vertellen in een roman van 1200 bladzijden. En hopeloos falen. Of dit. Ik heb hier een brief voor mijn moeder. Ik heb ook weleens een brief voor mijn moeder. Hoog in de hemelen. André Hazes was 1000 jaar eenzaamheid. Groter dan Jezus Christus? Niet groter. Eenzamer. Ik ga maandag naar zijn film. En ik beloof hem dat de tranen me over de wangen zullen lopen. Als een zigeunerkindje.

Benefiet

Op zaterdagavond 11 April gaat het dan eindelijk gebeuren, Meneertje Manuel heeft een optreden in zijn geboortedorp. En dan niet zo maar een optreden, we praten hier over een heus benefiet-optreden. Geen Benewied. We gaan dit niet doen voor gepensioneerde Twentse prostituees. We doen dit voor de gemeenschap. U weet wel. Die brand die het voormalige Hotel Café Restaurant volledig in de as heeft gelegd. Niet dat we van de opbrengst het hele complex opnieuw zullen laten verrijzen. We zijn hier Fred Teeven niet. We zullen de opbrengst schenken aan de familie Beltman die hun woonhuis en kroeg maar ternauwernood gered zagen worden. Maar wel hun feestzaal af zagen branden. Natuurlijk. Ze zijn verzekerd. Maar er is altijd schade. En we gaan dit doen om ze over de eerste schrik heen te helpen. Als alles een beetje meezit moeten we een bedrag op kunnen halen waarmee alvast een nieuwe koelkast gekocht kan worden. Want leer mij de Tukkers kennen. We zijn bereid om geblinddoekt en met alleen de linkerhand het Twentekanaal te verlengen tot Den Helder en dan via de Afsluitdijk weer terug. Zolang er maar koud bier tegenover staat. We zijn op dit moment een programma in elkaar aan het zetten en ik kan alle muziekliefhebbers met vreugd meedelen dat Dries Roelvink niet komt. Dries heeft dan met zoon Dave een optreden in een zwembad van een of andere rijkeluisdochter in het Gooi. Ik wens ze veel plezier. En de volgende ochtend een test op Soa’s. Ook Boer Geert heeft af moeten zeggen. Hij wil eindelijk weer eens rustig op de bank zitten en dat gaat hij die avond doen bij Jeroen Pauw, Humberto Tan, Studio Sport, het Jeugdjournaal, Piet’s Weerbericht en als alles een beetje lukt ook nog in een Dit is een Politiebericht. Er is ook geen Showballet. Dat zouden we heel leuk hebben gevonden maar het Showballet staat die avond al op de planken met Anne Frank: De Musical. Wat we dan wel gaan doen? Alles wat maar kan. Theater. Muziek. Pizza’s verkopen. Een paar brandweermannen in het zonnetje zetten. En vooral die nieuwe koelkast bij elkaar drinken. Ik heb het wereldnieuws een beetje gevolgd de afgelopen maanden en ik kom tot de volgende conclusie. Iedere onthoofding mist zijn doel als we er zo snel mogelijk de schouders weer onder zetten. En nu ga ik bellen met Barack Obama. Zou toch schitterend zijn als hij de hele avond een beetje aan elkaar zou praten.